WWW.PAKWERK.NL 

 

Deze pagina (tekst) is door mijzelf (Patrick v Teunenbroek) gemaakt naar aanleiding van heel veel vragen over het KNPV programma PH1 PH2 Obj.

Het behoort dus niet officieel tot het KNPV programma maar is een iets makkelijkere uitleg,

voor mensen die niet bekend zijn met onze KNPV hondensport.

 

Het overnemen van deze tekst mag NIET zonder BRON vermelding gebeuren!

en melding dat het overnemen door website's  niet mag zonder deze bron vermelding

...................................................................................................................................................

De opleiding tot Object bewakingshond. KNPV

 

 

 

Uitleg van de oefeningen van Object bewakingshond voor mensen die niet bekend zijn met deze tak van hondensport.

 

 

Wat voor soort en hoe groot/klein moet de hond zijn om toegelaten te worden 

tot de opleiding als Object bewakingshond ?

Een herderhond in al zijn variëteiten en Doberman, Riesenschnauzer, Bouvier, Airedale Terrier, Rottweiler, Boxer, en alle kruisingen tussen deze rassen.

Niet kleiner dan 55cm en niet groter dan 70 cm.

 

 

Wat moet een hond kunnen om toegelaten te worden tot de opleiding Object bewakingshond ?

In principe helemaal niets.

Alles wat hij later moet kunnen, leren we hem op de training.

Maar vaak word er eerst het certificaat Politiehond 1 en/of  2 gehaald.

 

Wie mag deze toekomstige politie honden africhten ?

Om met je hond een certificaat Object bewakingshond te halen moet je lid zijn van de 

Koninklijke Nederlandse Politiehond Vereniging (KNPV) 

 

 

Hieronder vind u.

1. Het ochtend programma van de certificaat keuring Object bewakingshond.

2. Het middag programma van de certificaat keuring Object bewakingshond.

 

 

 

Wat moet een hond kunnen om het certificaat Object bewakingshond te behalen?

 

 

Afdeling 1. van het ochtend programma

 

Oefening A. Het aangelijnd volgen. 5 Punten

Baas en de aangelijnde hond volgen een diabolo figuur uitgezet met pionnen.

(deze oefening en oefening B van afdeling 2 en A van Afdeling 3 zijn de enige oefening waar de hond tijdens keuring aangelijnd.)

 

Oefening B. 

Het onaangelijnd volgen. 5 Punten

Baas en de hond volgen een diabolo figuur uitgezet met pionnen 

Op de eerste schuinen kant van het figuur word de hond naar de andere kant gecommandeerd. 

Op de tweede schuinen kant word de hond terug gecommandeerd.

 

 

Oefening C. 

Het volgen naast de fiets. 5 Punten

Baas en de hond volgen al fietsend een diabolo figuur uitgezet met pionnen.

Voor alle volgoefeningen geldt dat de hond niet voor, achter of te ver van zijn geleider af mag lopen.

 

 

Oefening D. 

Het blijven liggen. 5 Punten

De baas ligt zijn hond op een door de keurmeester aangewezen plek 

en laat hem op teken van de keurmeester achter om daar 3 minuten af te blijven liggen.

 

 

Oefening E

Het weigeren van aangeboden en toegeworpen voedsel. 5 Punten

De baas ligt zijn hond op een door de keurmeester aangewezen plek.

En laat hem op teken van de keurmeester achter.

Vervolgens komt de helper(pakwerker) met het voer en test 2x of de hond het voer van hem aanpakt

en loopt dan achteruit en gooit op een afstand van 2 a 3 meter het 3e stukje naar de hond (niet op de hond)

en verwijdert zich dan.

 

 

Oefening F. 

Weigeren van gevonden voedsel. 5 Punten

Op het terrein waar het volgen af liggen en springen word uitgevoerd ligt ruimschoots voer verspreid.

De hond mag van dit gevonden voedsel niet eten, ook mag hij er niet aan likken.

 

 

Oefening G. 

Het stil zijn. 5 Punten

De baas en zijn hond bevinden zich beiden op een door de keurmeester aangewezen plek.

Door enkele personen zal vervolgens een korte boze woordenwisseling worden na gebootst, gevolgd door een pistool schot.

De hond mag geen geluid maken of blaffen of te piepen of verder dan 1 meter van zijn plaats afgaan.

 

 

Oefening H. 

De vrije sprong over een hindernis. 5 Punten

Springen over een hindernis van 1 meter hoog, heen en terug op commando van de baas.

Zonder de hindernis aan te raken.

 

 

Oefening I. 

De klimsprong over een schutting. 5 Punten

Springen over een rechte schutting van 1.75 meter met een schuine afloop.

En dan onder aan de schutting blijven liggen / zitten of staan.

 

 

Oefening J. 

De breedtesprong over een kuil. 5 Punten

Springen over een kuil van 2.25 meter breed, heen blijven en weer terug op commando van de baas.

 

 

Afdeling 2. van het ochtend programma. 

 

Oefening A.

Het zoeken en apporteren van 3 kleine voorwerpen. 15 punten

In een veld van 14 bij 14 meter kort gras liggen 3 kleine

(huls, huissleutel, ring, muntstuk enz.)voorwerpen verstopt.

De hond krijgt 7 minuten om ze op te sporen en naar zijn baas te brengen.

3 minuten voor alle 15 punten. Daarna worden punten in mindering gebracht.

 

 

Oefening B.

Het surveilleren. 21 punten

In een terrein van ongeveer 100 meter lang en 15 meter breed liggen 2 voorwerpen en 1 helper verstopt.

In de eerste 50 meter liggen de 2 voorwerpen (een aktetas en een donker kleurige colbertjas) verstopt met een minimale tussen ruimte van 15 meter. 

De helper ligt als laatste op ongeveer 50 meter van het 2e voorwerp.

De geleider meld zich al los volgend bij de keurmeester aan de start van de oefening.

Hij zal op aanwijzing van de keurmeester daar zijn hond een hals band met een lijn van 5 meter omdoen.

Op een teken van de keurmeester zal de geleider zijn hond het commando geven om de objecten op te zoeken.

De geleider moet zijn lijn dan op ongeveer 5 meter vasthouden en mag de hond niet sturen met de lijn.

Als de hond het eerste voorwerp vind, moet de hond het voorwerp verwijzen door erbij te gaan liggen, zitten, graven of het voorwerp te apporteren of er bijvoorbeeld bij te gaan blaffen.

De geleider neemt het voorwerp en de hond mee naar de plaats waar de keurmeester het hem aanwijst en laat het daar achter, en zet zijn hond weer op het spoor waar de hond van afweek om het 1e voorwerp te verwijzen.

Bij het 2e voorwerp moet de hond wederom naar het voorwerp verwijzen enz.

Als de geleider het 2e voorwerp heeft neergelegd zet hij zijn hond wederom op om het 3e object de helper op te zoeken.

Na ongeveer 50 meter van het 2e voorwerp ligt de helper verstopt.

Als de hond de liggende helper vind moet hij de helper gelijk aanblaffen, of op een andere manier naar de helper verwijzen.

Hij mag de helper niet bijten.

Op een teken van de keurmeester zal de geleider zijn hond meenemen en is de oefening surveilleren tot een einde gekomen.

 

 

Oefening C. 

Het revieren naar een voorwerp. 5x5 punten

De hond moet in een terrein van ongeveer 150 bij 75 meter.

een kist (afmeting 45 cm bij 30 cm bij 15 cm) dat kort voor de oefeningen is verstopt door de keurmeester zien op te sporen.

De hond moet als hij de kist vind. voortdurend blaffen totdat de baas bij hem is en met hem weg volgt.

De hond krijgt 7 minuten om de kist te vinden maar als hij hem niet na 3 minuten heeft gevonden worden er punten in mindering gebracht.

 

 

Oefening D. 

Het revieren naar een persoon. 5x5 punten

De hond moet in een terrein van ongeveer 150 bij 75 meter.

Een persoon/helper die kort voor de oefeningen is verstopt zien op te sporen.

De hond moet als hij de helper vind, deze bewaken en voortdurend aanblaffen.

Na ongeveer 10 x blaffen zal de helper de hond proberen (met geschreeuw) het bewaken te doen opgeven.

De hond mag hier niet door stil vallen, wel mag hij op het geschreeuw inbijten maar moet dan na de commando's uit eigen beweging los laten.

De hond moet dus blijven blaffen totdat de baas bij hem is en met hem weg volgt.

De hond krijgt 7 minuten om dit persoon te vinden maar als hij hem niet na 3 minuten heeft gevonden worden er punten in mindering gebracht.

 

 

Oefening D. 

Het transport van een arrestant. 3x5 punten

Hond en baas moeten een arrestant lopend vervoeren over een afstand van 70 meter.

Na 20 meter laat deze arrestant een dunwandige ijzeren pijp (gegalvaniseerd of koper pijp die 20 cm lang is)  vallen die de hond moet oppakken en aan zijn baas moet afgeven.

Daarna vervolgt de geleider met de helper en de hond het transport nog zo'n 50 meter

in gewone pas.

 

 

Afdeling 3. deze oefeningen van afdeling 3. worden tijdens een wedstrijd of keuring ochtends uitgevoerd.

 

Oefening. A

De overval op de geleider 5x5 punten

De geleider zal op teken van de keurmeester en in de richting die keurmeester heeft aangegeven een afstand van ongeveer 80 meter aangelijnd volgen met zijn hond.

Op de route zal een schutting of struik staan waar de helper zich achter kan verstoppen.

Als de geleider met zijn hond komt aanvolgen zal de helper op een teken van de keurmeester de aanval op de geleider inzetten.

De hond moet gelijk de helper aanvallen door de helper goed te bijten.

Er ontstaat een korte worsteling tussen de geleider en de helper die nog steeds gebeten word door de hond.

De geleider laat tijdens de worsteling zijn lijn los.

Daarna staakt de helper zijn aanval op teken van de keurmeester.

De geleider stapt dan 2 meter achteruit en commandeert zijn hond los.

 

Oefening. B

Het transport gevolgd door het tot staan brengen van een vluchtende verdachte. 6x5 punten

Hierna zal de geleider met de hond de helper over een afstand van ongeveer 25 meter transporteren, de helper zal na ongeveer 25 meter zich omdraaien en weg vluchten van de geleider en de hond af. 

De hond moet dan direct de helper tot staan brengen. 

Als de hond dit goed doet zal de helper nog 5 tot 7 meter door vluchten, anders zal de helper door moeten vluchten. 

Als de helper stil staat zal de geleider de hond los commanderen, de hond op halen en 25 meter los weg volgen.

 

 

 

Afdeling 3. 

Deze oefening van afdeling 3. worden tijdens een wedstrijd of keuring s'middags uitgevoerd.

 

Oefening. C

Het tot staan brengen van een verdachte,die met een vuurwapen schiet, en voorwerpen gooit. 8x5 punten 

De geleider meld zich bij de keurmeester in de stellaan.

Samen lopen zij richting het stel veld (de hond volg de baas)

Nu komt de helper verdacht in het zicht van de geleider en zijn hond

De geleider roept 2x halt bewaking en zet dan zijn hond in. 

Als de hond op 25 meter van de start is gaat de helper uit het zicht van de geleider en de hond. 

Links of rechts afbuigend verder het stel veld op.

Als de hond de helper tot op ongeveer 40 meter is genaderd zal de helper 1 schot in de richting van de hond afvuren, en een bukkende beweging maken net als of hij wat van de grond afpakt 

Dan zal hij de 3 werpstukjes over de hond heen gooien en zijn vlucht lopend voortzetten 

Als de hond de helper goed tot staan brengt zal de helper al lopend nog 5 tot 7 meter door lopen om te testen of de hond de helper goed heeft vastgegrepen. 

Na de 5 tot 7 meter draait de helper zich om. 

De geleider die achter zijn hond is aangerent en nu op een afstand van ongeveer 25 meter staat zal de hond los commanderen.

Hierna gaat de geleider weer achter een keurmeester staan. 

Zodat het bewaken van de helper door de hond bekeken kan worden.

Hierna neemt de geleider de hond ongeveer 25 meter los mee. 

 

 

Oefening. D

Het tot staan brengen van een verdachte die zich met een stok verweert. 7x5 punten

Bij deze oefening is het de bedoeling dat de hond ingezet wordt om de helper tot staan te brengen. 

De geleider meld zich bij de keurmeester in de stellaan 

samen lopen zij richting het stel veld (de hond volg de baas)

Als de helper versneld en verdacht lopend  aan het eind van de stellaan in zicht komt begint de geleider met het roepen van 2x halt bewaking. 

Daarna volgt het commando voor de hond om de helper tot staan te brengen.

Als de hond ongeveer 25 meter van de start verwijderd is zal de helper

links of rechts afbuigen uit het zicht van de hond en de geleider.  

Als de hond de helper tot op ongeveer 25 meter is genaderd, Zal de helper zich vlug omdraaien en probeert  door tegen de hond in te gaan, en door het geven van enige dreigende commando's en een draaglijke stokslag  de hond van zijn aanval af te brengen.

De hond mag hier niet van onder de indruk zijn. 

Als de hond de helper tot staan heeft gebracht vlucht de helper nog enige passen van de geleider af en laat al lopend zijn stok al lopend vallen. 

De geleider die achter zijn hond is aangerend en nu op een afstand van ongeveer 25 tot 30 meter staat, zal de hond los commanderen.

 

 

Oefening.E

Het transport gevolgd door toetsing van het bewaken 8x5 punten

Bij de hond aangekomen zet hij de helper op transport. 

Na 25 meter zal de geleider op teken van de keurmester het transport stoppen.  

Hierna laat de geleider de hond bewakend achter bij de helper, en gaat achter een keurmeester staan. 

Zodat het bewaken van de helper door de hond nog een maal getoetst kan worden.

Op een teken van de keurmeester vlucht de helper in de richting van de geleider af,

als de hond de helper gelijk goed tot staan brengt zal de helper nog 5 tot 7 meter vluchten.

Daarna zal de hond door zijn geleider los worden gecommandeerd.

Hierna neemt de geleider de hond ongeveer 25 meter los mee

 

 

Oefening. F 

Het terugroepen van de achtervolgende hond 3x5 punten

De geleider meld zich bij de keurmeester in de stellaan.

Samen lopen zij richting het stel veld (de hond volg de baas)

Als de helper versneld en verdacht lopend  aan het eind van de stellaan in zicht komt begint de geleider met het roepen van 2x halt bewaking. 

Daarna volgt het commando voor de hond om de helper tot staan te brengen.

De geleider blijft staan of loopt tot de eerste pion die op 10 meter staat en niet verder.

Als de hond de laatste pion (60 meter) gepasseerd is, moet de geleider de hond direct terug roepen.

De hond moet dan de achtervolging gelijk opgeven en direct  terug keren naar de geleider.

 

 

Oefening. G De schijnaanval is een extra oefening en is niet verplicht,

en word als extra oefening op het certificaat vermeld.

 

Oefening. G 

De aanhouding van een gevluchte,maar tijdig stilstaande verdachte,(schijnaanval)  5x5 punten

De geleider meld zich bij de keurmeester in de stellaan 

samen lopen zij richting het stel veld (de hond volg de baas)

Als de helper verdacht aan het eind van de stellaan in zicht komt begint de geleider met het roepen van 2x halt bewaking. 

De helper versneld gelijk zijn tempo door te gaan rennen. 

Daarna volgt het commando voor de hond om de helper tot staan te brengen.

Als de hond ongeveer 25 meter van de start  verwijderd is gaat de helper uit het zicht van de geleider en de hond links of rechts afbuigend het stel veld op.   

Als de hond de helper tot op ongeveer 40 meter is genaderd, 

Zal de helper zich vlug omdraaien en zijn vlucht op geven. 

De helper gaat hierbij met zijn armen over elkaar stil staan met zijn gezicht naar de naderende hond. 

De hond mag bij aankomst niet bijten anders is de oefening voorbij, en krijgt hij voor deze oefening geen punten.

de hond moet gelijk overgaan tot het bewaken van de helper.

De geleider zal op teken van de keurmeester de hond meenemen tot op twee meter achter de helper.

En de helper het teken geven voor het transport. 

De geleider blijft bij dit transport met zijn hond op 2 meter achter de helper lopen.

na 25 meter krijgt de geleider van de keurmeester het teken om het transport te stoppen.

De geleider kan zich dan verwijderen van de helper en de hond ongeveer 25 meter los meenemen

 

punten systeem Object bewakingshond

Druk hier boven voor het punten systeem.

 

 

Wilt u teksten van deze pagina gebruiken voor uw website?? 

Dan verplicht U zichzelf tot het maken van een bron vermelding!

Zoals     

Tekst:   Pakwerk.nl

Website: www.pakwerk.nl

 

Tevens moet er een vermelding bij dat het kopiëren van de tekst voor plaatsing op website niet zonder bron vermelding mag gebeuren! 

Dus eigenlijk het gehele rood geschreven gedeelte!

Dit ter voorkoming dat anderen het weer van U site afhalen zonder bron vermelding!

 

 

Ik heb dit stukje geschreven omdat ik vind dat iemand die niet bekend is met onze sport een makkelijkere manier moet hebben om dit al lezend te leren kennen!

en vandaar dat het gewoon uit te drukken is!